De zomer is afgeruimd,

maar je ziet nog kruimels liggen.

Al zijn de zonnebloemen uitgebloeid,

de zon komt vandaag nog door de mist.

Ik ben verbaasd dat vogels weg zijn

of dat ze er nog zijn.

‘Ik wil jullie niet wegsturen,

maar het is een eind vliegen,

en nu moeten we kale takken haardvuren eerste sneeuwklokjes,

voor jullie terug kunnen komen.”