Ik wilde een gedicht voor je schrijven,

zoetgevooisd als een nachtegaal.

O.K., een merel is ook goed.

Een nachtegaal, dat is te veel gevraagd.

 

Maar nu zijn alle vogels weg,

je hoort alleen geknal op straat,

en mijn hoofd is vol gedonder.

 

De merels  zingen weer,

maar mijn oren tuiten nog na.

 

Ik kan niet horen wat ik je wil zeggen.

Werd het maar eens stil.

Ik wil een gedicht voor je schrijven,